zaterdag 5 juli 2008

Canadees dood aangetroffen op “geheime basis” Camp Mirage in Azië

Een militair uit Canada is vrijdag dood aangetroffen in een slaapvertrek op de ondersteuningsbasis Camp Mirage ergens in Zuidwest-Azië.

Volgens media in Canada gaat het om korporaal Brendan Anthony Downey, lid van de militaire politie uit Dundurn in Saskatchewan. Hij diende bij het “Theatre Support Element” op Camp Mirage “ergens in Zuidwest Azië”.

De basis wordt gebruikt om stafleden van het leger en goederen te verplaatsen tussen Canada en Afghanistan.

Het leger stelt een onderzoek in naar de situatie, maar tot nu toe wordt een vijandelijke actie uitgesloten. De familie van de korporaal heeft het leger verzocht om “privacy”.

Camp Mirage dient als een belangrijke bevoorradingsbasis en haven voor Canadese oorlogsschepen en vliegtuigen. De locatie zou alom bekend zijn, maar officieel geheim.

De richtlijn voor journalisten die “embedded” zijn bij het Canadese leger in Afghanistan verbieden te publiceren waar de basis ligt.

De Canadese krant The Globe and Mail heeft onlangs gezegd dat hoge Canadese functionarissen een mondelinge overeenkomst hebben met de leiders van het land waar de basis is om niet te vertellen waar de basis ligt.

Maar volgens ingewijden is het gewoon bekend waar de basis zich bevindt, en dat het om de Minhad Air Base gaat, een basis van de luchtmacht van de Verenigde Arabische Emiraten.

Slachtoffers
De dood van de soldaat brengt het aantal Canadezen dat om het leven is gekomen door de deelname van het land aan de oorlog in Afghanistan op 86 soldaten en een diplomaat.

Het aantal Canadese slachtoffers in Afghanistan ligt dit jaar lager dan vorig jaar. 12 soldaten kwamen in de eerste helft van 2008 om, vergeleken met 22 over dezelfde periode in 2007. In 2006 vonden tot 4 juli acht Canadezen de dood.

Het lagere aantal slachtoffers wordt toegeschreven aan het feit dat de Canadezen de laatste 12 maanden voor een meer voorzichtige benadering hebben gekozen.

Er zijn troepen teruggetrokken uit afgelegen districten. Die richten zich nu meer op de bescherming van de centra waar de meeste mensen wonen en posities waar hard om is gevochten zoals de districten Zhari en Panjwayi.

Canada leidt het Provinciaal Reconstructie Team van de ISAF in de zuidelijke provincie Kandahar, die bekend staat als zeer gewelddadig en een bolwerk van de Taliban. Er doen ongeveer 2.500 militairen mee aan de missie.

Daarnaast zijn er beetje bij beetje steeds meer Afghaanse soldaten gekomen zodat de druk op de Canadezen zelf wat af is genomen.

Vorig jaar zomer kreeg het Canadese leger zware kritiek te verduren toen tijdens een troepenrotatie een gebied weer in handen viel waar zwaar voor was gevochten.

De Canadezen lieten het district over aan de Afghaanse politie, die werd aangevallen en verdreven. De agenten vroegen om steun van de Canadezen, maar die kwamen niet opdagen. 16 agenten werden gedood.

Daarna moesten de Canadezen opnieuw zwaar slag leveren om het gebied in handen te krijgen.

donderdag 3 juli 2008

Zelfmoordaanval op ISAF-militairen uit Canada in Spin Boldak

Bij een zelfmoordaanslag zijn woensdag in Spin Boldak in de zuidoostelijke provincie Kandahar verschillende gewonden gevallen. De aanvaller ramde zijn voertuig in een konvooi van ISAF-soldaten uit Canada.

De commandant van de grenspolitie meldde dat twee constructiewerkers en twee burgers gewond raakten. Volgens de NAVO raakten er geen van haar soldaten gewond.

De regio rond de grensplaats met Pakistan wordt veelvuldig getroffen door gewelddadigheden. Begin dit jaar vonden er bij een zelfmoordaanslag ongeveer 40 mensen de dood.

De aanslagen zijn veelal gericht tegen de Canadezen die in ISAF-verband in de provincie Kandahar zijn gestationeerd, maar de meeste slachtoffers vallen daarbij onder de burgers.

In de hele provincie Kandahar zijn de afgelopen 2 jaar ongeveer 80 ISAF-soldaten uit Canada gedood.